Kan ik ook zweefvliegen?

Vanaf je 14de jaar kun je beginnen met zweefvliegen. Eerder dus dan je op een brommer mag rijden!

Vanaf je 16de jaar kun je het theoretisch- en praktijkexamen voor het behalen van het GPL (Glider Pilot License) gaan doen.

Maar er zijn ook startende zweefvliegers die wat meer levenservaring hebben. Zo is de ZHVC een gemêleerde club: diverse leeftijden delen er hun passie voor het vliegen. De club heeft als doel zowel voor de beginnende als de gevorderde zweefvlieger voldoende uitdaging bieden.

Je kunt vliegen als je normaal gezond bent. Een bril of contactlenzen is meestal geen enkel probleem. Als je twijfelt, kun je op de club meer informatie vragen.

Voordelig kennismaken met zweefvliegen? Wordt Aspirant Vliegend Lid en ontdek in 10 lessen hoe fantastisch het is om zelf te leren vliegen.

Hoe gaat de opleiding?

De ZHVC heeft 12 instructeurs die beschikken over een officiële bevoegdheid, afgegeven door de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor de Luchtvaart (KNVvL). Er is altijd een instructeur aanwezig.

Elke leerling wordt individueel opgeleid, dus je hoeft niet speciaal een cursus of iets dergelijks te volgen. Je komt gewoon naar het veld en vliegt met de instructeur in één van onze tweezits-lesvliegtuigen. Alle lessen die je nodig hebt zitten bij de contributie inbegrepen.

Meestal kom je in het eerste seizoen al solo. Dit hangt er natuurlijk vanaf hoe vaak je komt vliegen. Daarna volgt een periode van 1 tot 2 jaar, waarin de fijne kneepjes van het zweefvliegen worden geleerd en ervaring wordt opgebouwd. Je vliegt dan meestal alleen, maar wel onder verantwoordelijkheid van de instructeur, die je voor elke vlucht een briefing geeft.

Dan komt het moment dat je geoefend genoeg bent om examen te doen voor je brevet (GPL, Glider Pilot License). Dit is een officieel document dat wereldwijd wordt erkend.

Het examen bestaat uit een theoretisch deel en een praktisch deel. De theorie bestaat uit de vakken Meteorologie, Navigatie, Vliegtuigconstructie, Vlieginstrumenten, HFACS (Human Factors Analysis and Classification System) en Luchtvaartvoorschriften. Het klinkt wel ingewikkeld, maar het valt erg mee. De theorielessen worden meestal in de winter verzorgd voorafgaand aan het examen.

Na het behalen van je theoriecertificaat kun je het praktisch examen aanvragen. Dit bestaat uit een serie van vijf doellandingen en drie examenvluchten met een examinator in de tweezitter. Wanneer je het praktisch examen met goed gevolg aflegt dan ben je de trotse bezitter van het GPL.

Daarmee op zak ben je bijvoorbeeld bevoegd om passagiers mee te nemen, overlandvluchten te maken, bijvoorbeeld van het ene vliegveld naar het ander, mee te doen aan wedstrijden, een zweefvliegtuig te huren, kortom een scala van mogelijkheden ligt dan binnen je bereik.